De voetbalwereld in de spiegel: Over cultuur, gelijkheid en de ‘bocht’ van Pierre

Het Nederlands voetbal is altijd in beweging. Tactieken veranderen, spelers komen en gaan, en de maatschappelijke relevantie van onze nationale sport groeit alleen maar. Maar soms lijkt het alsof de discussie over wie er aan het roer staat – of zou kunnen staan – vastloopt in hardnekkige patronen. De recente uitspraken van Pierre van Hooijdonk over een mogelijke vrouwelijke bondscoach voor Oranje hebben een schokgolf teweeggebracht, en dat is misschien maar goed ook.

De ‘bocht’ die voor sommigen niet bestaat

In de discussie bij de NOS stelde Van Hooijdonk dat een vrouw als bondscoach van de mannen ‘geen mogelijkheid’ is. Hij voert daarbij aan dat een aanzienlijk deel van de spelers uit culturen komt waar de vrouw niet gelijkstaat aan de man. Voor hem is het simpel: de dynamiek in de kleedkamer is anders, en daarmee is de discussie voor hem gesloten.
De reacties logen er niet om. Van felle kritiek van collega-analisten tot verontwaardigde reacties op sociale media: de uitspraak raakte een zenuw.

Is het een speler-probleem of een systeem-probleem?

Wat Van Hooijdonk in feite doet, is een maatschappelijk probleem – genderongelijkheid en culturele barrières – projecteren op de kleedkamer van het Nederlands elftal. Hij legt de verantwoordelijkheid voor het eventuele ‘niet kunnen slagen’ van een vrouwelijke coach bij de spelers.
Maar hier wringt de schoen. Als we accepteren dat sommige spelers vrouwen niet als hun gelijke zien, accepteren we dan daarmee ook dat de voetbalwereld niet aan diezelfde maatschappelijke normen hoeft te voldoen? Dat lijkt een gevaarlijke weg. Als een professionele organisatie als de KNVB streeft naar gelijke kansen op basis van kwaliteit, dan is het argument dat ‘de spelers het niet accepteren’ een zwaktebod. Het is geen reden om het niet te doen, maar juist een reden om de normen in de topsport nog strikter te handhaven.

De kracht van diversiteit

Laten we eens kijken naar de argumenten voor verandering. Talent, leiderschapskwaliteiten en tactisch inzicht hebben geen gender. Sarina Wiegman heeft wereldwijd laten zien dat ze een team naar de top kan leiden. De vraag zou niet moeten zijn: “Kan een vrouw dit?”, maar: “Is zij de beste persoon voor deze taak?”
Als we blijven hangen in de gedachte dat bepaalde groepen of culturen niet met een vrouwelijke leider kunnen werken, houden we die cultuur zelf in stand. Verandering begint bij het stellen van de norm. Als de KNVB besluit dat kwaliteit het enige criterium is, dan is dat de nieuwe standaard. De spelersgroep – hoe divers ook – is een professionele eenheid die ondergeschikt is aan de professionele waarden van de bond.

Tijd voor een nieuwe blik

De discussie van dit weekend laat zien dat we in Nederland nog steeds worstelen met de vertaalslag van maatschappelijke vooruitgang naar de voetbalwereld. Het is makkelijk om te zeggen: “Dat werkt nu eenmaal niet in de voetbalcultuur.” Maar is die ‘voetbalcultuur’ niet iets wat we zelf creëren en onderhouden?
Misschien moeten we de ‘bocht’ waar Van Hooijdonk het over heeft, juist wél nemen. Niet om een vrouw voor de leeuwen te gooien, maar om te laten zien dat leiderschap niet gebonden is aan gender. Het is tijd dat het voetbal een afspiegeling wordt van de moderne samenleving, in plaats van een laatste bastion waar oude patronen de dienst uitmaken.

Wat denk jij? Is de voetbalwereld klaar voor een vrouwelijke bondscoach, of hebben de critici een punt over de weerstand in de kleedkamer? Laat van je horen in de comments.

Plaats een reactie