Groningen is geen wisselgeld voor geopolitieke spelletjes

De krantenkoppen staan vol van internationale spanningen en fluctuerende gasprijzen. In de wandelgangen van Den Haag klinkt dan al snel de roep: “Kunnen we de gaskraan in Groningen niet toch weer een klein beetje opendraaien?”

Het antwoord moet een onvoorwaardelijk nee zijn !!!

​Het Groningse gasveld is geen technische noodknop die we naar believen kunnen indrukken wanneer de wereldmarkt onrustig is. Het is de bodem onder de voeten van duizenden Nederlanders. Een bodem die letterlijk en figuurlijk onveilig is geworden door decennia aan gaswinning.

Het opofferen van de veiligheid van eigen burgers om een internationaal schaakbordspel te winnen, is een breuk van het sociaal contract. De “ereschuld” aan Groningen los je niet in door oude wonden open te rijten zodra het economisch even tegenzit.

Echte energie-onafhankelijkheid bereiken we niet door terug te grijpen naar de fossiele reserves van gisteren, maar door te investeren in de oplossingen van morgen. De gaskraan moet dicht blijven. Niet omdat we de geopolitiek negeren, maar omdat we onze eigen mensen niet meer negeren.

Waarom “Opsluiten en Sleutel Weggooien” ons juist onveiliger maakt

Het klinkt zo logisch: wie een ernstig misdrijf pleegt, moet lang en zwaar gestraft worden. Vergelding is een menselijk instinct en een legitiem doel van ons rechtssysteem. Maar de laatste jaren lijkt de balans in Nederland door te slaan. Terwijl we de nadruk leggen op maximale straffen en strengere regimes, dreigen we het belangrijkste doel uit het oog te verliezen: een veilige samenleving op de lange termijn.

De illusie van de tralies

Een celstraf is in feite een pauzeknop. De dader is tijdelijk van de straat, en dat geeft een gevoel van rust. Maar zonder focus op reïntegratie is die rust bedrieglijk. Als we iemand jarenlang in een sociaal vacuüm plaatsen – zonder werk, zonder verantwoordelijkheid en zonder behandeling voor onderliggende problemen – creëren we een “criminele snelkookpan”.

De cijfers liegen niet

Onderzoek na onderzoek laat zien dat louter opsluiten niet werkt tegen recidive. Sterker nog, in landen waar de focus volledig op vergelding ligt (zoals in delen van de VS), is de terugval in criminaliteit schrikbarend hoog.

Reïntegratie is geen “cadeautje” aan de dader, maar een investering in de maatschappij.
* Werk en Inkomen: Iemand die de gevangenis verlaat met een vakdiploma en uitzicht op werk, heeft een reden om op het rechte pad te blijven.
* Sociale Banden: Contact met familie en een stabiel thuisfront zijn de sterkste factoren die voorkomen dat iemand opnieuw de fout in gaat.
* Geleidelijke terugkeer: Door verlofregelingen en proefverlof leert een gedetineerde weer om te gaan met de vrijheid en de verleidingen van de buitenwereld, onder toezicht van de reclassering.

De kosten van het negeren van reïntegratie

Wanneer we bezuinigen op dagprogramma’s, onderwijs en psychische zorg in de bajes (vaak door personeelstekorten of politieke onwil), betalen we daar later de prijs voor. Een ex-gedetineerde die buiten de poort geen huis, geen geld en geen netwerk heeft, valt bijna onvermijdelijk terug in oude patronen. De kosten van een nieuwe rechtszaak, een nieuw slachtoffer en een nieuwe celstraf zijn vele malen hoger dan de kosten van een goed reïntegratietraject.

“Een gevangenis moet geen wachtkamer zijn voor de volgende misdaad, maar een werkplaats voor een nieuw leven.”

Tijd voor een nuchtere koers

Het is tijd dat we reïntegratie niet langer zien als “soft” beleid. Het is het meest pragmatische en effectieve instrument dat we hebben voor een veilig Nederland. Een systeem dat alleen maar straft, kijkt naar het verleden. Een systeem dat investeert in integratie, kijkt naar onze gezamenlijke toekomst.
Laten we stoppen met alleen maar boos naar de dader te kijken, en beginnen met slim naar de oplossing te kijken. Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: een veilige buurt waar we de deur weer achter ons op slot kunnen draaien, wetende dat de reïntegratie werkt.